zondag 20 november 2011

engelen en duivels...

Volgens de Bijbel waren in oorsprong alle engelen heilig, sommigen werden afvallig aan God en zo kwam Satan op de proppen... Engelen werden veelal begrepen als boodschappers van de Allerhoogste, denk maar aan de drie engelen die aan Abraham de geboorte van Isaac boodschapten. Dus er waren er na een tijdje goeden en slechten. Qua karakter lijken ze dus goed op de mensen, ze zijn net als de mensen door God geschapen, maar ze hebben geen lichaam : een handicap of een deugd ? Ze brengen een boodschap : de goede engelen een boodschap uit de hemel veronderstel ik, de slechten (duivels), een boodschap van Satan. Zouden God en Satan er een soort internetweb op nahouden om met de mensen te communiceren ? Ik denk het niet. Volgens mij zijn bepaalde mensen, op een bepaald ogenblik, begeesterd, de Geest overheerst hen zonder dat ze het misschien beseffen, en zo geven ze aan anderen een wenk van God, ze zijn op dat ogenblik "engel", anderen dan weer duivel als die hen overheerst. Ik geef een voorbeeld : jaren geleden was ik vier jaar monnik ergens in Frankrijk, in een pas opgerichte orde. Na enige tijd had ik door dat die orde eerder een sekte was. Ik wilde daar weg, maar dat ging niet zomaar. Op een dag lukte het mij daar te vertrekken, te voet met een zware valies op mijn rug, 35 graden warmte en een tocht van twintig kilometer voor de boeg in een bergachtig landschap. Na een paar honderd meter al kwam de overste mij terughalen met zijn wagen, ik weigerde, hij smeekte, en werd tenslotte behoorlijk kwaad. Hij vertrok en ik zette mijn weg verder. Twintig kilometer verder wist ik een veilig onderkomen, maar er was slechts één weg naar ginds en ik moest zeker acht uur stappen over heuvels heen, dus ik zou zeker nog veel lastig gevallen worden door mijn ex-overste en zijn kompanen. Plots stopte er een wagen naast mij, een totaal onbekende bestuurder stapte uit, nam mijn bagage van mijn rug en vroeg waar ik heen wilde. Ik noemde de plaats, die uiteindelijk vlak bij zijn dorp lag. Onderweg vertelde ik mijn wedervaren, hij stopte aan zijn woning en nodigde mij uit voor een babbel met een verfrissend glaasje. s' Avonds bracht hij mij naar mijn bestemming, nam afscheid van mij, en garandeerde mij een mooie toekomst... en zo geschiedde... Ik had een engel ontmoet, iemand die ik nooit eerder gezien had, en ook nooit meer terug zal zien.

vrijdag 18 november 2011

de orde van God, onze wanorde...

Wanorde is ondraaglijk voor ons verstand. Het verstand schept orde als verdedigingsmiddel voor zichzelf. In de orde voelt het zich veilig, orde voorspelt wat er komen zal en schikt wat er gisteren gebeurde. Orde is voor het verstand het beste aanvals- en verdedigingsmechanisme. Het verstand wil enkel heersen over alles en iedereen en duldt geen inmenging, ook niet van jezelf, het is pure natuur die zichzelf verdedigt als opperrechter. God is dus een ramp voor het verstand. Het kan met God geen kant uit, het kan God nergens indelen, de logica en de orde van God zijn voor het verstand pure wanorde, dus gevaarlijk, God is de rivaal die moet uitgeschakeld worden. Daarvoor gaat het verstand heel spitsvondig tewerk : het verslaat God met orde, berekening vanuit zijn eigen ego-instelling. Het redeneert van op zelfgemaakte peilers die het niet wil loslaten uit schrik te verliezen, te sterven... Griekse filosofen zoals Aristoteles (later in het westen overgenomen en bewerkt door Thomas van Aquino) gingen alles catalogeren, indelen, dus orde scheppen met het verstand, en gingen van daaruit redeneren hoe de mens in elkaar stak, hoe God in elkaar stak : een puur menselijke constructie dus, God viel onder het verstand van de mens en kon dus gemanipuleerd worden. Het verstand is dus heer en meester. Ook in de theologie gaat men nog steeds zwaaien met de theorieën vanThomas van Aquino, heden ten dage nog...onvoorstelbaar. De mens werd eerst opgedeeld in een ziel en een lichaam (door een prachtige constructie van Thomas), later in verstand en een lichaam...onze eigen constructie. Het verstand is onze zwakke schakel, een rem op ons "zijn", een duivel die de Geest in ons monddood maakt. Wat ben je met verstand als je tandpijn hebt, een kind verliest of gewoon eenzaam bent ? Het verstand behoort tot het laagste niveau, het dierlijke, en vele mensen denken dat ze hun verstand "zijn". Kijk eens om je heen naar wat het verstand heeft gepresteerd... Als het verstand dan al enkele goede zaken heeft gepresteerd, dan zullen deze goeie zaken altijd ontworpen zijn uit zelfbehoud, winstbejag, eigen overlevingsdrang.

maandag 14 november 2011

hoe kan ik ooit bidden ?

Ik wil wel, maar ik zit altijd in het midden. Ik vraag wat ik tekort heb, vraag soelaas voor waar ik pijn heb, en dat lijkt me eerlijk, God kan alles en ik ontbeer veel. Hij is mijn Vader en moet mij wel wat helpen, dat is pure logica nietwaar. Waar zit ik dan fout en komt er geen helpende hand ? Ik bid dat mijn kind zou slagen, het moet een diploma halen, anders komt er helemaal niets van, kan het nooit gelukkig worden... Ik heb recht op een beetje geluk, heb veel tot God gebeden en toch heb ik enorm veel om Hem geleden, dat is toch niet eerlijk ! Wat ik wilde ? Een goeie job, een spetterende gezondheid en zakken vol geld en de mogelijkheid om het te spenderen. Allemaal schone dingen, die me volgens mij gelukkig zouden maken, volgens mij, en daar zit het addertje... wat is geluk of ongeluk en wie ben ik om daar het onderscheid te maken ? Job had alles, dacht hij, en alles werd hem ontnomen, verstoten door zijn omgeving bleef hij trouw aan God en uiteindelijk werd hij beloond. Moet het geluk dan altijd zoveel moeite kosten ? Nee toch, geluk kost moeite als je het wil bereiken op de manier dat je het zelf wil. Ik bid om geluk tot God en wil zelf bepalen hoe dit geluk mij te beurt moet vallen. Wat wil ik dan ? Gelukkig zijn of enkel zelf bepalen hoe het zou moeten gebeuren ? Ik hou me altijd voor de slimme, ik bid, en God moet maar knikken. In een handeltje kan ik de manier van winst bepalen, maar geluk is geen commerce, het is een doel waarvoor ik kan bidden, de middelen om dat doel te bereiken moet ik in Gods handen leggen en gewoon bidden...

zondag 13 november 2011

als stenen spreken...

In het oude testament stond de steen voor de dood, het oordeel. Denk aan de tien geboden op stenen tabletten, de wetten ten dode of ten leven, denk aan David die de reus doodde met een kei, denk aan de steen die op de leeuwenkuil gelegd werd om Daniël te laten sterven bij de leeuwen, denk aan de talrijke stenigingen in de toenmalige cultuur. Er resten ons ook uitdrukkingen zoals "de steen des aanstoots", "met een steen om de hals in het water geworpen worden..." Stenen markeren een grens in de Bijbel : in het oude testament soms een grens van leven naar dood, en Jezus bracht de ommekeer , de steen werd een grens van dood naar leven. De steen kreeg een andere betekenis, tijdens het openbare leven van Jezus. Hij stopte stenigingen, Petrus werd door Hem de rots genoemd waarop Hij Zijn kerk wilde bouwen. En de steen kreeg zelfs de volle betekenis van Leven. De steen voor Zijn graf werd weggerold, het begin van het verrijzende Leven. De steen die vroeger de dood betekende werd het symbool van Leven door de openbaring van de Zoon Gods... van een evolutie gesproken... Kan de dood voor ons dan ook geen icoon worden dat verwijst naar het eeuwige leven, een icoon overschilderd door de Geest ?

zaterdag 12 november 2011

Daniël tussen de leeuwen...

Koning Darius stelde 120 stadshouders aan, en boven hen 3 rijksbestuurders. Bedoeling : het rijk zo productief mogelijk besturen. Bij die drie rijksbestuurders was er Daniël, een buitengewoon begaafd en gelovig man. Hij stak met kop en schouders boven zijn twee collega's uit en de koning overwoog om hem de totale macht over het rijk te geven. Zijn collega's zinden op wraak en vroegen de koning om een wet uit te vaardigen : in het hele rijk mocht niemand gedurende dertig dagen een verzoek richten tot mens of God, enkel tot koning Darius. Daniël werd betrapt toen hij tot zijn God bad, wat verboden was, en de machtsmannen rond de koning eisten de dood van Daniel, tegen de zin in van de koning die Daniël lief had. Maar de koning moest plooien voor de eis van zijn bedienden en Daniël werd in de leeuwenkuil geworpen, tussen de leeuwen, en de kuil werd afgedekt met een steen. De volgende ochtend spoedde de koning zich naar de kuil en hij vroeg : "heeft jou God je gered Daniel?". En deze antwoordde dat God hem gered had, engelen waren gekomen om de muil van de leeuwen te sluiten. Daniël werd in de hoogste eer hersteld en de koning liet mededelen dat iedereen in zijn rijk ontzag moest hebben voor de God van Daniël. Daniël gelooft in God, heeft een krachtige Geest, maar de omgeving wenst hem dood. De mens ontwaakt tussen onmensen, tussen intriges, van bij de geboorte, en er is enkel de Geest Gods die hoop kan geven. De mens leeft met een zware steen op de schouders, een versmachtende last. Leven naar de Geest van God maakt de mens niet populair, in tegendeel, je wordt weggedrumd, belachelijk gemaakt door de woekeraars. Maar God snoert hen de mond, schenkt redding aan de getrouwe...en niet enkel redding, Hij tilt de getrouwe op het hoogste niveau...

vrijdag 11 november 2011

de barmhartigheid Gods...

Als ik geloof in de barmhartigheid van God, dan kan ik niet in de zonde geloven. Mijn geloof staat of valt bij die barmhartigheid. Die is niet van de tijd, de zonde wel, en dus vergankelijk... Ik laat mij niet meer angstig maken om dingen die ik doe, om dingen die het lichaam vraagt zonder anderen te beschamen, ik leef, en dat is omgaan met ervaringen die op me afkomen, leven met een lichaam dat zich vragen stelt waarop ik niet kan antwoorden. Ik geloof dat God me vrede zal schenken, Hij stuurt me zachtjes wenken die mijn lichaamsleven overstijgen. Ik wil niet langer beven voor hel en wetten, ik wil ooit in liefde leven met allen, misschien met uitzondering van hen die mij deden beven... Ik ben een fan van God, zo'n fanatieke, en ik weet dat Hij me niet zal laten stikken. En val ik onderweg, meerdere keren, dan nog weet ik dat Hij er is zonder me te willen afbreken. Hij houdt van mij zoals ik ben, en niemand zal daar verandering inbrengen als ik blijf geloven in het Kind in mij, en in de Vader van dat kind.

donderdag 10 november 2011

ge zult geen beelden maken en ze aanbidden...

De mens, zoals wij ons kennen, is het beeld dat het Kind gedacht heeft, gerealiseerd heeft. Realiseren betekent "in de tijd plaatsen". Het Kind van de Vader is God in God, een gewilde, dus geliefde Zoon, eeuwig in de Vader... en wat het Kind denkt, "is", voor het Kind, want het is God. Voor de Vader is er enkel Zijn Kind Zoals Hij het wil. De mens is dus het Gouden Kalf, een gedachtebeeld, een aanbeden illusie, want de mens bemint enkel zichzelf. Het Kind beleefd zijn illusie in de tijd maar vermoedt toch zijn origine, zijn Kind in God zijn. En het wil terug terwijl de illusie het vasthoudt...de tijd beslecht zijn toestand. Terug willen of kunnen maakt echter niets uit. Het Kind gaat terug naar de Vader, want in werkelijkheid is het nooit ergens anders geweest voor de Vader... en dat is de barmhartigheid van God !

woensdag 9 november 2011

zou God onze seksuele uitspattingen bespioneren en veroordelen?

Nee toch, dan ware Hij een klein mensje, geen God, maar een mens zoals wij, een wezen met het verstand tussen de benen. Dan zou Hij de ene mens, die Zijn Kind is, veroordelen voor fouten, en een andere mens, die ook Zijn kind is, beminnen omdat die geen fouten maakt. Dan zou God twee soorten kinderen geschapen hebben : het ene volmaakt, het andere fout. Dan ware God dus niet volmaakt want het kind is het evenbeeld van de Vader. Waarom dan al het seksuele naar de doodzondentheorie overhevelen ? Het lijkt ons ingeprent door zij die alles wat seksueel is verwensen, niet voor hen, maar voor de gewone mensen. Ooit moet je die seksuele schaamte overwinnen, de hel vergeten, je Geest en lichaam weten. Dan pas kun je God buiten de gevarenzone leren kennen, een God die jou wenst te verwennen. Je lichaam leeft, een bepaalde tijd, je leeft ermee en dat is geen zonde, zolang je beseft dat je Kind van God bent. God is je beeld in eeuwigheid, niemand kan je dit ontnemen, ook jijzelf niet, en maak je geen zorgen over je eindigheid...over je seksuele drift die je nooit begrijpt.

dinsdag 8 november 2011

Mozes, de ziener, en Aaron de spreker...

Mozes en Aaron waren broers, een duo dat het beeld en de stem van God wereldkundig maakte. Mozes ontwaarde God in de brandende struik, hij zag de tien geboden op stenen tabletten en hij is de enige die ze zag want hij sloeg ze kapot bij het zien van het gouden kalf... Hij stierf bij het aanzicht van het beloofde land... Aaron, zijn oudere broer, was een volksmenner, een sprekend talent dat door God aangesteld werd om de discussie met de Farao te voeren. Hij werd de eerste hogepriester van Israël, maar had zijn kleine kantjes. Het gouden kalf dat de Israëlieten vroegen, toen Mozes niet direct van de berg terugkwam, werd door Aaron toegelaten, gepromoot zeg maar. Hij was een Godgeliefd persoon, maar liet zich gemakkelijk ompraten, en Mozes bad, en Aaron leefde... God spreekt tot mensen, niet tot favorieten, hij zoekt de goeie talenten in de mens om zich te openbaren, de slechte trekjes bestraft Hij niet. Een geduldige Vader zoekt in ons het beste, vergeeft het slechtste, en wenst ons op een hoger niveau, waar Hij op ons wacht met een goddelijk geduld...

maandag 7 november 2011

Samson, de man die zijn haar kort liet knippen...

Samson, een Hercules figuur, strijdt met de Israëlieten tegen de Filistijnen. Hij beschikte over een onoverwinnelijke kracht en was een doorn in het oog van de Filistijnen. Maar de mens Samson liet zich verleiden door Delila, en deze ontfutselde hem het geheim van zijn kracht, zijn weelderige haardos... Zijn haar werd afgeknipt, hij werd weerloos, zijn ogen werden uitgerukt, hij werd als gevangene de overwinningstrofee van de Filistijnen. Doch zijn haren groeiden terug... De Filistijnen organiseerden een offerfeest in de tempel van Dagan ter ere van de vangst van Samson, en Samson werd daar openbaar belachelijk gemaakt. Hij smeekte God hem nog éénmaal z'n grote kracht te schenken, en deed de steunpilaren wankelen zodat de hele tempel instortte en hijzelf en duizenden Filistijnen vonder er de dood, een genadeslag voor de Filistijnen die de Israëlieten ten goede kwam. Samson, die de kracht van God in zich wist, blundert. Hij verliest daardoor zijn haar of zijn verstand, maar zeker zijn waardigheid. Zijn haren groeien terug, maar toch smeekt hij God om zijn kracht terug te winnen. De kracht zit dus niet in de haren of in het verstand, de kracht zit hem in het Godsbesef. God is de kracht, niet de mens. De mens rekent teveel op zijn fysieke kwaliteiten, op zijn verstand en vergeet die andere logica, de Wil en de Liefde van God...

dinsdag 1 november 2011

tien plagen doen de grenzen van Egypte vervagen...

God zond tien plagen over Egypte, opdat het volk van Israël zou kunnen vluchten uit Egypte en leven : (1) het rivierwater verandert in bloed - (2) kikkers overspoelen Egypte - (3) het krioelt plots van ongedierte - (4) wilde dieren trekken in horde Egypte binnen - (5) veepest - (6) zweren bedekken mensen en dieren - (7) dodelijke hagel treft Egypte - (8) sprinkhanen teisteren Egypte - (9) duisternis over Egypte en het offeren van een lam voor de Israëlieten die het bloed op de deurstijlen moeten verven zodat de dood aan hen voorbijgaat - (10) dood van de eerstgeborenen bij de Egyptenaren, en het volk van Israël kan beschikken... Opvallend is dat voor de Israëlieten het offeren van een lam hun uiteindelijke redding inzet, een duidelijke verwijzing naar Christus, het Lam Gods... Was God dan zo'n twijfelaar dat hij tien pogingen nodig had om Zijn volk te bevrijden ? Neen. De auteur van het verhaal bouwt enkel de spanning op om het verhaal waarheidsgevoel te geven. De vlucht uit Egypte is niet zomaar in enkele uren beslist, er zullen daar jaren overheen gegaan zijn tot het moment rijp was voor die volksverhuizing. Het vergaat ons net zo in ons leven : lange tijd is de mens gevangen in zijn eigen intriges, hij is jarenlang zwanger van het Kind in hem dat vrijheid wil. Het ontdekken van het Kind in hem, het Lam Gods, zet de poort open naar die vrijheid. En we hebben allen tien plagen (wenken van God) nodig om het zoeken naar die vrijheid in ons wakker te maken...